'Alle privégegevens zijn te koop'     Meldplicht bij diefstal, verlies of misbruik persoonsgegevens

Welkom

Inleiding

Onderzoeken Mariëndijk

Onderzoeken Peter R. de Vries

De zaak Bolhaar

Onderzoeken Goderie van Groen

Geluidsfragmenten

Media

Strafdossier/Procesgang

Contact



Justitie 'dubieus' in de vervolging van Goderie van Groen BV



Ook het informatiebureau Goderie van Groen verkoopt jarenlang allerlei mogelijke privé-gegevens. In 2003 ontspringt dit bedrijf nog om raadselachtige redenen de dans, ook al was Goderie van Groen een van de opdrachtgevers van Michel Kraay en lagen er stapels documenten met bewijsmateriaal tegen haar. Het is een treffend voorbeeld van het schimmige optreden van justitie. Natuurlijk kan het toeval zijn dat Goderie van Groen tot 2007 meermaals buiten schot werd gehouden, maar er zijn andere aanwijzingen.

In het onderzoek naar Mariëndijk en Michel Kraay stuitten de rechercheurs ook al snel op een ander informatiebureau: Goderie van Groen BV uit Leusden. Dit bureau was jarenlang een van de twee opdrachtgevers van Kraay, naast het bureau Mariëndijk. Terwijl het personeel en de directeuren van Mariëndijk Intermediair BV  (thans Regres Info BV) en Kraay medio 2003 als leden van een criminele organisatie worden beschouwd door het Openbaar Ministerie wordt Goderie Van Groen BV, vreemd genoeg ongemoeid gelaten. Goderie van Groen BV had als klant Bert Santema, een oud-rechercheur die werd ontslagen toen hij als politieagent videobanden met bewijsmateriaal had laten zien aan Peter R. de Vries. Santema ging daarna voor De Vries werken en staat op de aftiteling van het misdaadprogramma. Santema bestelde zijn informatie bij Goderie die het vervolgens weer uitzette bij zijn oud-collega Kraay. Die laatste zegt hierover: "Goderie was altijd wat minder bedreven dan ik in het achterhalen van informatie. Ik snapte wel dat hij voor veel zaken mij inzette. Dat was omdat hij zelf niet zo snel werkte als ik. In de tijd dat we collega's waren bij Mariëndijk deden we echter wel hetzelfde werk." Goderie werkte overigens ook in opdracht van het recherchebureau K2 van Sander van Betten die ook op de aftiteling van De Vries voorbij kwam. Ook deze informatie-opdrachten belandden op het bureau van Kraay.


Tussenpersoon
Goderie was zo een soort tussenpersoon voor gerenommeerde recherchebureaus, advocatenkantoren en media.  Aan het begin van de cyclus stonden media als het programma van Peter R. de Vries, Tros vermist, Tros Radar, TROS Opgelicht, Telegraaf, tweevandaag en Panorama. Andere recherchebureaus zetten de informatieverzoeken uit bij Goderie van Groen BV en die sluisden ze vervolgens weer door naar Kraay. Over zijn klantenkring schrijft de directeur van Goderie van Groen BV in e-mails geen uitspraken te willen doen. "Indien er sprake is geweest van werk dat in opdracht van derden is verricht, doch waarvan de resultaten uiteindelijk zijn benut ten behoeve van het programma van de heer De Vries zou het speculatief zijn om aan te gaan geven om welke onderzoeken dat dan precies ging," aldus de directeur, die in mails tamelijk formeel taalgebruik hanteert. Tegen Kraay word wel toegegeven dat men indirect voor Peter R. de Vries werkte. En in een opgenomen telefoongesprek uit 2004 wordt gezegd dat Kraay 'de kastanjes voor Peter R. de Vries uit het vuur heeft gehaald'.


Van Volkert van der Graaf tot Lucia de B
In de praktijk wist men wel degelijk voor welke programma's en items er werd gewerkt. Zo nu en dan werd dat zelfs op vele handgeschreven opdrachtfaxen geschreven. Een keer schrijft men zelfs letterlijk "Uitzending Peter R de Vries gezien?" aan Kraay. En soms vermeldt hij in zo'n opdrachtfax wel direct, of indirect, dat een informatieverzoek - die altijd 'spoed' hebben - afkomstig is uit de media. Uit tientallen opdrachtfaxen van Goderie van Groen BV aan Kraay blijkt telkens dat hij Kraay verzoekt om nadrukkelijk ook gesloten bronnen te proberen om aan gevraagde informatie te komen. Niet zelden worden de namen van de systemen waar Kraay die informatie vandaan zou kunnen halen, zoals GVI, wat verwijst naar het Gemeenschappelijke Verwijs Index, een informatiesysteem bij uitkeringsinstantie UWV. Andere keren staat weer 'Justitie!' als aantekening vermeld. Dat betekent dan dat Kraay moet nagaan of die persoon een strafblad heeft. Tussen de opdrachten van Goderie van Groen BV zitten de vreemdste verzoeken. Zo komt er op 2 juli 2001 een fax van een advocatenkantoor dat namens cliënt Robert K. vraagt of hij op de internationale opsporingslijst van Interpol staat. Dat geldt ook voor een ander Interpol-verzoek namens een Colombiaan Manuel Bernal Diaz. (oktober 2000) en Italiaanse Tiziana G. (september 2002). De laatste staat overigens op de lijst om uitgeleverd te worden aan Frankrijk. Of dan die fax op 15 mei 2002: negen dagen na de moord op Pim Fortuyn komt er een 'superspoedopdracht' waarin wordt gevraagd naar een mogelijk samenlevingscontract tussen Petra Lievense en Volkert van der Graaf. Van beide personen zijn de  naw-gegevens en de sofinummers erbij geschreven en staat bij Van der Graaf tussen haakjes "Wie o wie zou dit nu zijn...". In een andere fax wordt er mogelijk aan Bert Santema, de oud-rechercheur die voor De Vries werkte gerefereerd. "Volgens de klant (ex-politieagent) is het wellicht mogelijk bij de rechtbank te informeren via het artikelnummer. Dus: vragen naar een GVO in verband met WBS artikel 287, en/of 289 (moord/doodslag)." Dat men ook zelf belt naar instanties met een valse naam blijkt uit een fax op 12 oktober 2001. Daarin schrijft hij over een onderzoek naar Lucie de B., die in juni 2004 werd veroordeeld tot levenslang en tbs omdat zij zeven ziekenhuispatiënten zou hebben vermoord. "Ik heb al contact gehad (als De Vries, Arbeidsinspectie)," met het Juliana Kinderziekenhuis in Den Haag waar De B. werkte. Na het noemen van twee namen bij de afdeling personeelszaken zijn ze: "Behulpzaam doch vervolgens erg resoluut in het weigeren de naam te noemen (zodra ze doorkrijgen om wie 't gaat)."  Goderie van Groen BV vroeg ook naar pin-betalingen, zoals in het geval van Cornelis M. op 21 maart 2001. En op 22 maart 2001: "Zoals ik al vermoedde wil de krant meer info over de kasopnames. Graag tijdstippen, locaties en bedragen." Dan weer vraagt Goderie van Groen BV of twee personen een bepaalde vlucht naar San Francisco hebben genomen (27 november 2002). Veel van de opdrachten aan Kraay zijn gemakkelijk - ook al vanwege de data waarop ze werden gedaan - terug te leiden tot uitzendingen van De Vries. In maart 2001 schrijft de directeur van  Goderie van Groen BV aan Kraay dat hij zelf ook rapportages 'aanvult' of onderzoeken 'zelf kan doen'. “Let er wel op dat jouw levertijden altijd sneller zullen moeten zijn dan mijn levertijd naar mijn klanten toe. Ik heb natuurlijk speling nodig om onderzoeken aan te vullen en uit te laten werken.” In deze fax uit maart 2001 blijkt er trouwens een conflict tussen Kraay en hem te zijn, omdat hij zoveel opdrachten uitzet dat Kraay zwaar onder de stress zit. “Het moge duidelijk zijn dat dit zo niet werkt. Kijk, met mij valt altijd te praten over het later leveren van onderzoeken die minder haast hebben als je het druk hebt, over het niet kunnen verrichten van onderzoeken die ik zelf kan doen en zelfs over spoedtarieven. Ik moet echter wel ergens van uit kunnen gaan.”

Het TROS-programma Radar

Terug naar eind jaren negentig als Goderie van Groen net een paar jaar bestaat. Het bureau komt plots negatief in het nieuws als het TROS-programma Radar een item aan het bureau wijdt. Op 10 mei 1999 toont TROS Radar hoe het bureau gevoelige privé-gegevens verkoopt. Het gaat onder meer om strafrechtelijke gegevens, gegevens over het verloop van de  militaire dienst en belastingtechnische gegevens. In een onderzoek naar Goderie van Groen BV concludeert de toenmalige Registratiekamer in november 1999 dat 'op onrechtmatige wijze gegevens zijn verstrekt die afkomstig zijn uit persoonsregistraties waarvoor een geheimhoudingsplicht geldt'. Behalve van overheidsinstanties komen de gegevens die Goderie van Groen BV verwerkte in de door TROS Radar gekochte rapportage van het GAK, RDW, bank etc.. De conclusie van de Registratiekamer was duidelijk: dit mag niet. Maar de Wet Registratie Persoonsgegevens (wrp) voorziet dan nog niet in sancties die de Registratiekamer aan Goderie van Groen kan opleggen. Gevolg: het bureau komt er mee weg. Ook Justitie verroert zich dan nog niet.

Maar de kwestie blijft in de politiek niet onopgemerkt. Vier Kamerleden stellen in 1999 Kamervragen over de kwestie: Jan de Wit (SP), Marja Wagenaar (PvdA), Olga Scheltema-De Nie (D66) en Femke Halsema (GroenLinks). Zij vragen zich daarbij af of de wet niet moet worden aangepast om dit soort praktijken zwaarder te kunnen straffen. Justitieminister Benk Korthals antwoordt dat met de komst van de nieuwe Wet Bescherming Persoonsgegevens (WBP), die toen in voorbereiding was, de opvolger van de Registratiekamer, het nieuwe College Bescherming Persoonsgegevens (WBP) bestuursdwang kan uitoefenen of een last onder dwangsom kan opleggen. Ook schrijft de minister dat de branchevereniging van handelsinformatiebureaus, de NVH, waarbij Goderie van Groen BV helemaal niet is aangesloten, met een aanscherping van de eigen gedragscode zal komen zodra de nieuwe WBP van kracht is gegaan. Dat zou tot 1 september 2001 duren. De gedragscode van de NVH bestond sinds 1993, maar het probleem is dat nog steeds maar een klein deel van de bureaus bij de NVH is aangesloten. En zelfs dan nog maakt zo'n zelfregulering weinig indruk.


Kamervragen
Tijdens de behandeling van het wetsvoorstel van de nieuwe Wet Bescherming Persoonsgegevens in de Tweede Kamer eind 1999 komt Goderie van Groen BV ook weer ter sprake. D66-Kamerlid Scheltema-De Nie spreekt van 'Kafkaiaanse ervaringen' waartoe misbruik van persoonsgegevens kan leiden. "Het mag natuurlijk niet zo zijn, dat medewerkers van de Belastingdienst gevoelige persoonlijke gegevens van clienten verkopen aan een handelsinformatiebureau, dat deze gegevens weer kan gebruiken voor een niet beoogd doel. Toch bleek dat het geval te zijn, getuige een onderzoek van de Algemene Rekenkamer, uitgevoerd in de zomer 1999", aldus Scheltema-De Nie in het parlement. Ook Goderie van Groen BV wordt met naam genoemd in haar betoog. Daarover zegt ze: "Dergelijke praktijken moeten natuurlijk wel aan de kaak kunnen worden gesteld en daarvoor is toezicht nodig. Je zult maar geen hypotheek kunnen krijgen omdat je belastingschulden hebt. Hoe gemakkelijk het was voor een handelsinformatiebureau om slecht met een naam, adres en geboortedatum een sequeel aan gevoelige gegevens – strafrechtelijk, politie, militaire dienst, financieel, gezondheid – los te peuteren, bleek in het programma Radar van de Tros. Dat kan voor betrokkene wel eens tot zeer onaangename gevolgen leiden, bijvoorbeeld geen baan kunnen krijgen of wat dies meer zij. Het moet niet kunnen, maar het gebeurt wel." Femke Halsema komt twee jaar later, als de WBP op het punt staat te worden ingevoerd, terug op de kwestie. Aan de tien vragen van Halsema hadden de ambtenaren van Justitie een flinke dobber, want de beantwoording volgt lang na de normale termijn. Na ruim drie maanden antwoordt minister Benk Korthals dat hij in 1999 naar aanleiding van het onderzoek naar Goderie van Groen BV het college van procureurs-generaal heeft gevraagd 'te bezien of er aanknopingspunten waren' om het bureau of de gegevensverstrekkers strafrechtelijk te vervolgen. Daar was binnen justitie geen animo voor, want Korthals schrijft slechts droogjes: "Het College heeft mij bericht dat dat niet het geval is." Ook had Korthals opnieuw als doekje voor het bloeden een opmerking over een mogelijk aanscherping van de gedragscode van de NVH, waarvan Goderie van Groen BV niet eens lid is.  Bij Goderie van Groen BV zag men zelf de klandizie alleen maar toenemen na de belastende tv-uitzending in 1999. "Mensen dachten: die moeten we dus hebben  om iets echt uit te zoeken. Een betere reclame is niet denkbaar. Maar ik heb eigenlijk liever geen publiciteit meer, want ik kan de stroom klanten nu al niet meer aan."

2003

Als in 2003 de rechercheurs in het huis van Michel Kraay veel van zijn documenten in beslagnemen is er opnieuw aanleiding genoeg voor de sterke hand om ook Goderie van Groen BV op de korrel te nemen. Maar dat gebeurt niet. Wel maakt het OM in april 2003 proces verbaal op tegen Goderie van Groen BV , maar vervolgd wordt zij niet. Tien maanden later tijdens de proforma zitting van Mariëndijk Intermediair BV zegt  zaaksofficier OvJ mr L.M.E. van der Wees tegen de rechters dat er door het OM bij Goderie van Groen BV geen strafbare feiten zijn geconstateerd. Ze vraagt zich af wat het belang is het horen van de directie van Goderie van Groen BV en persisteert derhalve. Michel is verbijsterd: "Goderie van Groen BV wordt willens en wetens buiten schot gehouden. Waarom is mij onduidelijk. De rechercheurs hadden bakken vol bewijsmateriaal tegen hem. Ik heb nog zeer veel papieren, vooral faxen, waarin Goderie van Groen BV opdrachten bij mij uit zet en nadrukkelijk vraagt om gegevens die niet op legale manier zijn te verkrijgen." Het gaat niet om een paar opdrachtfaxen, Michel heeft er nog zeker honderd, hoewel Justitie veel van zijn archief nooit heeft teruggegeven. Ook in de afgetapte gesprekken tijdens het OM-onderzoek komt de naam van de directeur van Goderie van Groen meerdere keren voorbij. Op 4 april 2003 noteert de rechercheur de naam bij een gesprek over een notariskantoor dat wilde weten of naar welke rekening een gestort bedrag vervolgens was gegaan. Michel heeft dat weten te achterhalen. “Spannend, netjes!” reageert de feitelijk leidinggevende van Goderie van Groen BV, volgens de transcriptie in het politiedossier. Die dag geeft Michel telefonisch alle gegevens over een meneer De G. door Goderie van Groen BV. Ook dit is nauwkeurig getapt. Op een gegeven moment zegt de directeur van Goderie van Groen BV: “Heb je nog geprobeerd ze zelf nog te bereiken?” Michel: “Ja, helemaal niks. Ze wist het nog van de vorige keer.” Michel geeft daarna een erg uitgebreid rapport over zijn financiële situatie. Verder zit in het politiedossier ook een factuur van Michel voor het werk wat hij eind maart en begin april 2003 voor Goderie van Groen BV heeft gedaan. De factuur voor onderzoekjes naar tien onderzochte personen komt neer op 1263 euro. En de rechercheurs hebben ook een uittreksel uit het Handelsregister van de Kamer van Koophandel over Goderie van Groen BV in het dossier gestopt. Goderie van Groen BV kwam dus als tweede opdrachtgever van Kraays bureau meermaals voorbij in het politieonderzoek. Het bleef allemaal zonder gevolgen. Een van de rechercheurs heeft volgens Michel tijdens zijn verhoren gezegd dat hij niet te veel wilde doorvragen over Goderie van Groen. “Toen ik begon over waarom ze niet doorvroegen over de rol van de directeur van Goderie van Groen BV en alleen spraken over mijn werk, sloeg een van de rechercheurs met zijn vuist op tafel. Hij zei dat ze daar nog wel eens gedonder met de rechter over zouden kunnen krijgen. Ik vond het erg raar dat de directeur van Goderie van Groen BV niet werd aangepakt.” Het leek er dus op dat het OM er bewust voor had gekozen  het onderzoek niet uit te breiden naar Goderie van Groen BV. De reden is mysterieus, want er lag genoeg materiaal. 



De overheid zelf als opdrachtgever
In 2005 heeft Goderie van Groen BV nog maar één medewerker, schrijft men in een moeizame mailwissseling. "Goderie van Groen is een kleine onderneming. Het etiket 'handelsinformatiebureau' is mijns inziens sowieso niet helemaal correct. 'Informatiebureau' is wellicht beter." Volgens de directeur van Goderie van Groen BV is het vervolgen van Kraay en Mariëndijk een zaak is geweest 'waarmee het CBP haar bestaansrecht wilde bewijzen'.  Ook vind hij het niet onterecht dat de 'opdrachtgevers' niet worden aangepakt. "Wat onterecht is is de manier waarop bijvoorbeeld Michel is aangepakt. Maar dat rechtvaardigt mijn inziens echter geen problemen voor de opdrachtgevers." Zelf verbaast het hem niet dat hij niets meer van justitie heeft vernomen. "Bij mijn weten is Goderie van Groen zelf nooit afgeluisterd. Indien men stappen had ondernomen jegens mijn bureau in haar hoedanigheid als opdrachtgever van de heer Kraay, dan had men vervolgens ook stappen moeten ondernemen tegen de andere opdrachtgevers van de heer Kraay en natuurlijk ook tegen mijn opdrachtgevers. En tegen de opdrachtgevers van die opdrachtgevers. Het einde zou dan zoek zijn. Bovendien denk ik dat zelfs bij justitie het besef er wel zal zijn dat het absurd zou zijn (rechts)personen te vervolgen simpelweg omdat ze proberen na te gaan of het bijvoorbeeld mogelijk is om geld waar men recht op heeft, terug te krijgen. Heel vaak zal men als uiteindelijke opdrachtgever ook de overheid zelf tegenkomen." Dat laatste is natuurlijk erg interessant. Want op de vraag voor wie de directeur van Goderie van Groen voornamelijk werkt antwoordt hij. "Vooral voor advocatenkantoren en recherchebureaus's. Maar ook bedrijven en (overheids)instanties." Die laatste zin is curieus. Het bureau werkt dus ook in opdracht van overheden, maar welke dat zijn wil men niet zeggen. Dat het informatie vergaren moeilijker is geworden nadat in 2003 de strengere Wet Bescherming Persoonsgegevens van kracht werd, merkt Goderie van Groen BV ook. "Bepaalde onderzoeken kunnen niet meer worden verricht. Informatie is in het algemeen moeilijker verkrijgbaar." Maar dat door het stijgend aantal wanbetalers tegelijkertijd een steeds grotere behoefte is naar gevoelige privé-gegevens, dat weet hij ook. "Het is mijn inziens van de gekke dat het nagenoeg onmogelijk is geworden te onderzoeken of een vordering verhaalbaar is. Het hoogste belang wordt gegeven aan het recht op privacy. Hoe zit het met het recht van bijvoorbeeld de schuldeisers? Deze kwesties worden altijd erg eenzijdig belicht. Men lijkt altijd te vergeten dat er nooit zomaar onderzoek naar verhaalsmogelijkheden worden verricht. Doorgaans ligt het, onterecht, betaald laten van vorderingen daaraan ten grondslag," aldus de directeur van Goderie van Groen BV per e-mail. Hij vindt dat voor incassodoeleinden een ruimere privacywetgeving nodig is. "Ik denk dat het kunnen verkrijgen van informatie onontbeerlijk is voor het functioneren van de hele maatschappij en voor de economie in het bijzonder. (...) Het is zaak dat de overheid de mogelijkheden om informatie in te winnen c.q. onderzoek te verrichten niet zo volledig dichttimmert als zij nu lijkt te doen. Het belang voor het verkrijgen van de informatie is (ook bij de overheid zelf) dermate groot dat er altijd bedrijven in deze branche actief zullen zijn. Als er geen redelijk wettelijk kader is waarbinnen deze bedrijven kunnen opereren zal dat er toe leiden dat overtredingen gemaakt worden." Voor de goede lezer duikt hier opnieuw de overheid als verzamelaar van informatie op. De feitelijk leidinggevende van Goderie van Groen BV zegt ermee dat ook overheden belang hebben bij informatie die ze wellicht volgens de normale wegen niet mogen vragen.

Ook in 2006 privé-informatie te koop
Ook in 2006 zijn er nog aanwijzingen dat Goderie van Groen BV doorgaat met 'pretexting', oftewel het informatie vergaren door zich uit te geven voor een ander. Of zij gaat op z'n minst door met het opdracht geven tot het achterhalen van gegevens die een geheimhoudingsplicht hebben. Begin 2006 krijgt Michel Kraay rapportages in handen over een man, C.S. uit Den Haag, die door Goderie van Groen zijn geleverd aan ene O. B. die een financieel conflict met C.S. heeft. In een brief laat de directeur van Goderie van Groen BV weten dat de opdracht om zijn rekeninggegevens na te gaan is uitgevoerd. Een deel van de rekeninggegevens van C.S. levert Goderie van Groen BV per brief. Maar dat hij voorzichtig is geworden blijkt uit een opmerkelijke zin: "Verdere gegevens rond bovengenoemde rekening zijn u reeds telefonisch doorgegeven." Kennelijk vertrouwt men uit voorzorg gevoelige gegevens niet langer toe aan het papier. Dan kan Justitie of het CBP bij een mogelijke inval ook niets meer vinden. Maar omdat het hier ging om 'een gericht onderzoek naar bankinformatie' met 'superspoed' mag worden aangenomen dat ook saldi zijn achterhaald. Zelf ontkent het bureau dit per e-mail en tekent daarbij ook aan: "Ons inziens opereren wij conform de wet. Ik ben ten allen tijde bereid om hierover van gedachten te wisselen met het CBP. Ik ben echter zeker niet voornemens om met u een discussie aan te gaan en u op die wijze te voorzien van materiaal voor volgende publicaties." De brief met de rapportage is van 2 februari 2006. Op 31 januari 2006 bevestigt de directeur van Goderie van Groen BV de opdracht al met de woorden: "Het kan zijn dat de informatie uitsluitend telefonisch beschikbaar is." De kosten van het een zogeheten 'Gericht Onderzoek Bankinformatie' zijn bij Goderie inmiddels gestegen naar 350 euro. De brief met de opdrachtbevestiging vermeldt een '75 procent superspoedtoeslag'. Dat terwijl Mariëndijk Intermediair BV in 2003 nog 130 euro rekende voor saldo-informatie en 60 euro per getraceerde bankrekening. De prijzen in de branche zijn na de rechtszaken tegen Mariëndijk en Kraay kennelijk alleen maar flink omhoog gegaan. C.S. reageert onthutst als hij hoort dat zijn personalia en financiën zijn nagetrokken via een informatiebureau. "Dat is niet leuk om te horen. Het is heel, heel raar. Dat zoiets zomaar kan." S. bevestigt dat zijn bankgegevens in de rapportage kloppen. Ook zegt hij de man uit Krimpen a/d IJssel die volgens de stukken de opdracht gaf te kennen. "Met hem hen ik een beroerde affaire gehad rond een erfenis. Ik heb op zijn huis beslag gelegd. Hij wil kennelijk geld van mij hebben, maar daar toe is hij niet gerechtigd. Hierover is laatst een rechtszaak geweest." De schending van de geheimhoudingsplicht wordt door een bevriende jurist van S. gemeld bij de afdeling recherche van de Postbank. Daarop volgt geen reactie. Ook ziet S. uiteindelijk vanwege gezondheidsredenen af van het doen van aangifte tegen Goderie van Groen BV.  Maar intussen doet Michel Kraay begin 2006 zelf wel aangifte. En wel tegen een lange lijst van opdrachtgevers van hem, zoals ING, ABN-Amro, Fortis, Tiel-Utrecht, Amev, advocatenkantoren als Houthoff Buruma, Nautha Dutilh en landsadvocaat Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn, misdaadverslaggever Peter R. de Vries en enkele andere informatiebureaus. Hij verwijt hen aanzetten tot en uitlokking van oplichting en het onrechtmatig verwerken van persoonsgegevens. In juni volgt eindelijk bericht van justitie: zijn aangifte is geseponeerd. Dat terwijl nog geen paar maanden de onthulling dat de directie van de Staatsloterij een recherchebureau de gangen had laten nagaan van de directieleden van de Postcodeloterij het nieuws haalde. Maar Justitie heeft geen zin om partijen die opdracht geven tot het op illegale manier achterhalen van privé-informatie te vervolgen. Het seponeren van de aanklacht van Kraay is in feite een stimulans voor voortgaande handel door andere bureaus.

Juridische stappen
Als een auteur van het internettijdschrift Netkwesties schrijft dat Goderie van Groen BV gewoon door lijkt te gaan met het leveren van op dubieuze wijze verkregen privé-gegevens dreigt hij per e-mail met juridische stappen. Maar daar ziet hij uiteindelijk van af. Van invloed zal zijn dat er opnieuw politieke aandacht is voor zijn bedrijf. Want naar aanleiding van het Netkwesties-artikel stelt SP-kamerlid Jan de Wit op 17 juli 2006 Kamervragen aan toenmalig justitieminister Piet Hein Donner (CDA). Daarin vraagt De Wit onder meer of het mogelijk is om Goderie van Groen BV en andere opdrachtgevers van Kraay te vervolgen. In zijn antwoord schrijft minister Donner op 1 oktober 2006 dat het OM de aangifte van Kraay heeft geseponeerd 'omdat zowel uit bewijstechnisch-, als uit opportuniteitsoogpunt onvoldoende aanleiding bestond strafrechtelijk onderzoek te doen'. "Wel loopt er thans nog een strafrechtelijk onderzoek tegen natuurlijke personen."  Donner bevestigt wel dat het OM in actie zou kunnen komen tegen informatiebureaus die strafbaar hebben gehandeld bij het verzamelen van gegevens en als er een vermoeden is dat een opdrachtgever daaraan strafbaar heeft deelgenomen dat OM ook tegen hen tot vervolging kan overgaan. Dat gebeurde echter nog nooit. Geen enkele keer is een opdrachtgever juridisch aangepakt omdat hij informatie heeft ingekocht waarvan hij had kunnen weten dat het niet uit openbare, legale bronnen te krijgen was. Over het onderzoeken of Goderie van Groen BV doorgaat met op illegale wijze verzamelen van privacygevoelige gevens schrijft Donner dat er 'een feitenonderzoek' nodig is. De minister verzoekt ook nog het CBP op te treden tegen het verzuimen van de meldingsplicht van verwerking van persoonsgegevens door Goderie van Groen. "Ik zal het CBP verzoeken hiertegen op te treden." Donner vervolgt dat als er sprake is van '(opdracht geven tot) illegaal achterhalen van persoonsgegevens zal het Openbaar Ministerie een strafrechtelijk onderzoek instellen' en 'indien er voldoende wettig en overtuigend bewijs aanwezig is in beginsel tot vervolging overgaan'. Ook het toezicht van het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP) blijkt erg sporadisch. Eens in de paar jaar doet het CBP een kort onderzoek bij een informatiebureau. Het college kan maar een enkele sectoren per jaar behandelen in verband met beperkte capaciteit. Ook als het CBP in 2006 hoort dat Goderie van Groen nog altijd - zeven jaar na het CBP-onderzoek naar aanleiding van TROS Radar - doorgaat met het leveren van bepaalde bij wet beschermde gegevens is dat geen reden voor het college om Goderie aan te pakken of weer op een visite te trakteren. Op de site van Goderie van Groen BV staat medio 2007 nog steeds duidelijk welke informatie het bureau levert. Naast verhaals- en kredietwaardigheidsonderzoeken staat in het lijstje ook 'onderzoek naar samenwoning', 'diepgaand antecendentenonderzoek', en 'gerichte onderzoeken' naar onder meer 'rekeningen, roerende zaken en steunvorderingen'. Ook heeft Goderie van Groen BV zich tot op de dag van vandaag niet aangemeld in het openbare WBP-meldingenregister van het College Bescherming Persoonsgegevens. Dit terwijl het in de Wet Bescherming Persoonsgegevens verplicht is voor bedrijven die persoonsgegevens verwerken om zich daar in te schrijven. 'Vervelend' noemt CBP-woordvoerder Van de Klashorst dat. "Een deel van dit soort bureaus verstopt zich. Veel bedrijven worstelen met gebrekkige toegankelijkheid van informatie en schakelen dat dit soort bureaus in. Hier ligt een juridisch probleem. Maar de bureaus hebben onze verhoogde aandacht." Tot concrete acties leidt dat vooralsnog niet, ondanks de beloftes en verzoeken van minister Donner.

Uiteindelijk heeft in 2007 naar aanleiding van een aangifte van het College Bescherming Persoonsgegevens alsnog strafrechtelijk onderzoek plaatsgevonden naar de handelswijze van onderzoeksbureau Goderie van Groen BV, maar dit onderzoek had betrekking op de periode 2006-2007 en niet 2003 met voorliggende jaren.



<< TERUG